De nieuwe definitie van burn-out

Onderzoekers van de KULeuven kondigden enkele maanden geleden aan dat ze aan een nieuwe diagnosemethode en een nieuwe definitie van burn-out werken.

Daar ben ik blij om. Want ik vind, net als hen, dat de oude definities niet meer accuraat zijn. Met wat wringen kon ik mezelf er wel in passen, in die oude definities, maar het voelde toch niet comfortabel aan.

Nu ben ik benieuwd naar de nieuwe definitie van doctoraatstudent Steffie Desart en de proffen Wilmar Schaufeli en Hans De Witte. Klopt hun beschrijving met wat ik heb meegemaakt? Herken ik me er nu beter in? Of pas ik plots niet meer in het plaatje?

 

5 kernsymptomen van burn-out

De onderzoekers beginnen met de symptomen van burn-out uit te breiden. De voorbije decennia werd burn-out meestal samengevat in drie symptomen, maar Steffie Desart en haar collega’s spreken nu over vijf kernsymptomen en enkele bijkomstige symptomen.

De 5 kernsymptomen zijn:

  • Uitputting (zowel fysiek als psychologisch)
  • Cognitief controleverlies (geheugenproblemen en concentratieproblemen)
  • Emotioneel controleverlies (heftige emotionele reacties)
  • Depressieve klachten (dit is wellicht de reden waarom burn-out en depressie vaak verward worden)
  • Mentale distantie (het mentaal afstand nemen van het werk)

 

Herken ik de symptomen?

Uitputting? Jazeker. Ik heb dagen in de zetel gelegen zonder nog een poot te kunnen opheffen. Ik heb maandenlang moeten doseren, iedere fysieke inspanning afwisselen met platte rust om weer te recupereren. Psychisch kon ik niks meer aan. Geen gesprek met mensen, geen gedachten die me tegenstonden, zelfs geen geluid op straat – wat behoorlijk moeilijk is als je middenin een stad woont.

Cognitief controleverlies? Dat ook. Dat voelde ik al maanden vóór ik thuis zat. Ik slaagde er niet meer in mijn deadlines te halen, deed veel te lang over mijn werk omdat mijn hoofd zo vaak blank stond. En ik moet wel geheugenverlies gehad hebben, want van sommige gebeurtenissen en anekdotes die mensen me vertellen, herinner ik me niks meer.

Emotioneel controleverlies? Het zal nog niet zijn! Ik ben ingestort met een grote knal. Een woede-uitbarsting om een beuzelarij, waarbij ik een collega de huid vol schold en een koffietas stuk heb gesmeten tussen het andere servies. Nadien kreeg ik nog meer woede-uitbarstingen, zomaar op straat. En hoewel ik het me niet goed meer herinner, denk ik dat ik voordien ook al te vaak onnodig kwaad ben geweest. Zelfs tegen mijn vrouw, en tegen mijn zoontje…

Nog erger waren de vele huilbuien en paniekaanvallen die me maandenlang parten hebben gespeeld. Hyperventileren wanneer je het station nog maar ziet van waaruit de trein naar je werk vertrekt, dat is niet normaal, toch?

Depressieve klachten? Ook dat, ja. Geen zware depressie, en gelukkig helemaal geen doodsverlangen of zelfmoordneigingen. Maar ik weet wel dat ik niet meer in staat was me gelukkig te voelen. De huisarts zei me dat ook, dat ik een aantal symptomen van depressie vertoonde. Maar alles wees erop dat het burn-outprobleem groter was dan het depressieprobleem.

Mentale distantie? Hm, dat is een moeilijkere. Ik heb niet de indruk dat ik het werk mentaal losliet – of toch niet meer dan wat aan concentratieproblemen kan toegeschreven worden.

Ik heb collega’s gekend die bijzonder cynisch werden over hun werk, over andere collega’s, over de organisatie. Je kent ze vast ook wel: mensen die achter elk akkefietje een gemeen complot van de grote boze baas vermoeden. Die ervan overtuigd zijn dat die ene collega enkel maar hoest om hen te irriteren. Die hun hele bedrijf een klote-organisatie vinden die alleen maar stront produceert.

Ik heb dat soort afmattende gevoelens niet gekend. Toen ik de bodem had bereikt, voelde ik me enorm schuldig. Schuldig tegenover mijn collega’s, die ik nu met al mijn achterstallig werk opzadelde. En ook waardeloos. Onwaardig om in die organisatie te werken. Ik was ervan overtuigd dat ik de boel belazerd had, dat ik jarenlang loon had gekregen waar ik gezien mijn onkunde helemaal geen recht op had. Ik wou dat ik het beter kon doen, dat ik de job waard zou zijn, maar het lukte gewoon niet.

Is dat ook mentale distantie? Misschien.

 

De nieuwe definitie van burn-out

Op basis van hun onderzoek brengt de Leuvense onderzoeksgroep een nieuwe definitie van burn-out:

Vanwege een overbelasting op het werk, vaak gepaard gaande met een persoonlijke kwetsbaarheid en/of problemen in de privésfeer, kan er geen energie meer opgebracht worden om bepaalde cognitieve en emotionele processen te regelen.

Dit verlies van controle in samenwerking met de uitputting leidt tot een zelfbeschermingsreactie, waarbij er mentaal afstand genomen wordt van de uitputtingsbron (bij burn-out: het werk). Het gaat hier vooral om een negatieve attitude, bijv. in de vorm van cynisme. Al kan deze attitude zich ook uiten in het fysiek afstand nemen van het werk (bijv. door contact te ontwijken met collega’s).

Door het controleverlies geraakt men bovendien in een depressieve stemming. Deze stemming is dus het gevolg van een gevoelsmatige reactie en is niet gelijk aan een depressie in de zin van een op zichzelf staande psychische stoornis.

Spanningsklachten (‘stress’) worden gezien als onderliggende symptomen en kunnen worden gebruikt om een meer volledig beeld van burn-out te krijgen. Zij zijn vaak de eerste reden waarom men hulp zoekt en kunnen een voorbode zijn van burn-out in de vorm van overspanning.

De vijf kernsymptomen zitten allemaal in deze definitie. En het is ook goed dat er bijkomende symptomen in verwerkt zitten, zoals spanningsklachten. Voor mij zijn dat de signalen die je lichaam uitstuurt om je te waarschuwen dat er iets mis gaat. Alsof het lichaam je probeert te dwingen om rust te nemen of zaken in je levensritme te veranderen vóór je helemaal opgebrand bent.

De definitie spreekt heel duidelijk van een gebrek aan energie, uitputting en een verlies van controle. Herkenbaar, very much. En heel mooi vind ik dat de depressieve stemming uitdrukkelijk het gevolg van een gevoelsmatige reactie genoemd wordt, in tegenstelling tot de ‘reguliere’ depressies die op zichzelf staan en vaak een heel andere behandeling vragen.

 

Werk, privé én persoonlijkheid

Het enige wat me dwarszit, is dat de definitie burn-out aan werk blijft linken: “Vanwege een overbelasting op het werk”, “de uitputtingsbron (bij burn-out: het werk)”, “fysiek afstand nemen van het werk”.

Nochtans zegt de eerste zin van de definitie dat een persoonlijke kwetsbaarheid en/of problemen in de privé-sfeer vaak meespelen. In een interview in Trends benadrukt Steffie Desart zelfs dat werk, privé en persoonlijkheid alle drie een rol spelen in de oorzaak van burn-out: “Een burn-out ontstaat door een samenspel van drie factoren: het werk, de privé-situatie en de persoonlijkheid.”

 

Werk is méér dan werk!

Kijk, dàt rijmt volledig met mijn eigen verhaal. Ik begreep in het begin niet hoe ik in ’s hemelsnaam zo uitgeput kon raken van mijn werk, dat objectief beschouwd geen onmogelijke eisen aan mij stelde. Tot mijn psychotherapeut me deed inzien dat mijn werk maar één radartje was in het verhaal. Spanning en druk buiten het werk speelden evenzeer een rol. Maar vooral de manier waarop ik met mijn persoonlijkheidskenmerken omging, speelde een grote rol in mijn burn-out – hoe dat precies in zijn werk ging, lees je hier.

Toen ik aan onderzoeker Steffie Desart vroeg waarom ze in hun definitie dan toch vasthielden aan de hoofdrol voor het ‘werk’, antwoordde ze me dat ze werk breder willen zien dan betaalde arbeid: “[Het gaat] hier over elke betekenisvolle activiteit waarbij men iets investeert en er ook iets voor terugkrijgt – bijv. studeren of vrijwilligerswerk.”

 

Elke betekenisvolle activiteit waar je iets insteekt en iets uithaalt

Eerlijk waar, ik vind dat een prachtige omschrijving van alle situaties die tot een burn-out kunnen leiden. Ik zou het zelf niet beter kunnen. Je kunt misschien nog discussiëren over de term ‘betekenisvol’, omdat ze voor verschillende interpretaties vatbaar is. Wat de ene betekenisvol vindt, vindt een ander misschien volstrekt betekenisloos. Maar in de rest van de omschrijving kan ik me volledig vinden.

Naast de klassieke betaalde job zijn er inderdaad heel wat activiteiten waar je iets in investeert (tijd, kunde, energie…) en iets voor terugkrijgt of hoopt terug te krijgen (kennis, voldoening, liefde…). En al die activiteiten kunnen tot een overbelasting leiden, en een verlies van energie.

Ik denk aan studenten of scholieren die niet meer de energie vinden om hun studies verder te zetten. Vrijwilligers die zich niet meer naar de tientallen verenigingen kunnen slepen waar ze in het bestuur zetelen. Amateursporters die zich op een bepaald moment niet meer op het veld of in de piste durven begeven. Huisvrouwen die geen dweil of afwasborstel meer kunnen optillen. Ouders wie de zorg voor hun kinderen te veel wordt. Of kinderen die aan de zorg voor hulpbehoevende ouders onderdoor gaan. En wat met liefdesrelaties die kapotgaan omdat een van beide partners (of allebei) er veel energie in steekt maar er niet meer voor terugkrijgt wat ie nodig heeft?

 

Weg met werk!

Waarom dan vasthouden aan de term ‘werk’ om die brede waaier aan activiteiten te benoemen? Volgens mij is dat de laatste erfenis uit het verleden, die de onderzoekers nog moeten afwerpen. Niemand gebruikt de term ‘werk’ in die nieuwe betekenis, en het laat zich dan ook raden dat bijna alle lezers en toehoorders bij ‘werk’ aan een van de gekende betekenissen zullen denken.

Ik denk dat de Leuvense onderzoekers nog een kleine inspanning moeten doen om een minder dubbelzinnige term dan ‘werk’ te bedenken. Dan pas staat hun nieuwe definitie volledig op punt!

 

Meer info over het burn-outproject van de Leuvense onderzoekers vind je op https://burnoutassessmenttool.com/.

 

3 gedachtes over “De nieuwe definitie van burn-out

  1. Mooie blog – leuk om je positieve onthaal op onze definitie te zien. Als je trouwens wat meer informatie nog wilt over ons standpunt in het hele werk debat, check dan zeker even onze wetenschappelijke publicatie die we deze week nog publiceren. Daar heeft het hele aspect wat meer vorm gekregen in de vorm van een hiërarchie, met werk op nummertje 1, maar onlosmakend verbonden met privé en persoon. Kort samengevat, we noemen het verder ook werkgerelateerd omdat de primaire uitingsvorm op het werk is, en omdat we werk breder zien als betaalde arbeid (check ook even de definitieve definitie van arbeid in psychologische zin trouwens!).

  2. Beste Maarten,
    Ik heb je blog nog maar net ontdekt, maar ik vind het zo boeiend dat ik quasi alles gelezen heb. Veel dingen vind ik herkenbaar, zoals een introverte en perfectionistische persoonlijkheid, het multitasken en ongepaste woede. In andere zaken vind ik me dan weer minder terug, zoals bijvoorbeeld wanneer je benadrukt dat een burn-out niet noodzakelijk werkgerelateerd hoeft te zijn. Ik heb nu net het gevoel dat een job die me beter ligt dan de huidige, me er helemaal bovenop kan brengen. Ik ben dan ook naarstig op zoek naar zo’n job, waar mijn persoonlijkheid meer kansen dan conflicten meebrengt en waar ik beter de meerwaarde kan van inzien. Het verbaast me dan ook dat jij toch dezelfde job bent blijven doen. Denk je niet dat deze stelling klopt: dat je met de juiste job, een job die je energie geeft in plaats van energie kost, onmogelijk tegen een burn-out kan aanlopen? Ik ben zeer benieuwd naar je standpunt.
    Vele groeten,
    Bjorn

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s